april 2006: nieuwe uitgave JAM KARET Jogjakarta kaarten

Jakarta, 7 april 2006

Selamat Siang, met veel genoegen stuur ik u de eerste internationale uitgave van DEBOKOFHETLOKET, ontworpen, uitgevoerd en verstuurd vanuit Jakarta, na een verblijf van twee maanden in de Insulinde. JAM KARET staat voor ‘rubberen tijd', of wel, de flexibele tijd zoals deze in Indonesië geldt. Jam Karet is een onderzoek naar deze tijd maar nog meer een poging om antwoorden te vinden op veel vragen die mij gedurende mijn verblijf hebben bezig gehouden. Of ik hierin ben geslaagd vind ik nu nog moeilijk te zeggen.

PELAN - PELAN doe maar rustig aan, het kan ook niet anders in dit klimaat. De tropische temperaturen bepalen hier het tempo. Je ziet het overal om je heen; mensen rustig zittend op de drempel van hun huis, sigaretrokende mannen op een hek, een in slaap gevallen becakrijder. De jongen van een verwaarloosd hotelletje in Borobudur ligt de hele dag voor de televisie. Als je hem wat vraagt is hij erg vriendelijk en behulpzaam en probeert hij zelfs een praatje te maken maar daarna gaat hij weer lekker op zijn matrasje liggen. Ik denk dan meteen, moet die jongen niet een emmer latex en een kwast pakken en zijn tijd eens gebruiken om dit fantastische huis, met zoveel potentie, wat op te knappen? Maar de mensen leven hier bij de dag. Zijn er twee kamers verhuurd vandaag? Prima toch? Morgen zien we wel verder. Het mooie aan deze ‘Pelan - Pelan' houding is dat mensen erg relaxed en tevreden zijn. Nooit was ik op een plek waar mensen zoveel lachen als hier!

Vaak heb ik mij bezwaard gevoeld. Tenslotte ben je toch die rijke buitenlander, daar kun je niet om heen. Maar nooit ben ik met afgunst bejegend. Indonesiërs geloven in het lot en als je je geld eerlijk verdiend hebt dan is het goed. Deze mentaliteit maakt het met name in een stad als Jakarta, waar het contrast tussen arm en rijk extreem is, leefbaar. Doordat mensen hun lot aanvaarden is het overigens wel moeilijk om dingen te veranderen in een land waar een kleine groep mensen zich door corrupte machtspelletjes verrijkt ten koste van de grote arme meerderheid. Momenteel is er een discussie gaande over een door de regering voorgestelde anti-pornografiewet. Deze wet verbied mensen o.a. in het openbaar te zoenen en uit- dagende kleding te dragen. Een onzinnig voorstel in een land waar complete stammen halfnaakt leven en waar mensen zich na het werk op de sawa's wassen in de rivier. Het lijkt een afleidingsmanouvre om te zorgen dat de aandacht wordt afgeleid van de problemen waar het werkelijk om gaat.

Want problemen zijn er. Economisch gezien valt er veel te verbeteren in Indonesië en na de bomaanslagen in 2005 in Bali is ook de toeristen-industrie behoorlijk ingestort. De dreiging van het vogelgriepvirus is een feit. En er is het probleem van achterstallig onderhoud; met name de wegen zijn erg slecht. Een ander probleem is het zwerfafval. Tijdens de Soeharto tijd was het verplicht dat inwoners van een wijk één keer in de maand een dag hun straten schoonmaakten om zo hun leefomgeving netjes te houden. Nu gebeurt dat bijna niet meer en het gevolg is dat er werkelijk overal afval ligt. Dit afval zorgt ervoor dat goten verstopt raken en dat er bij zware tropische regenbuien wijken onder water lopen. Daarnaast zorgt het voor overlast doordat het ongedierte aantrekt en bovendien ziet het er erg vies uit.

Mijn zorg en over dit probleem heeft geresulteerd in het flipperboekje Bersihkan ‘tanah&air' INI in samenwerking met Hermawan Tanzil, eigenaar van ontwerpbureau LeBoYe te Jakarta. Het boekje is een poging om op een speelse, niet dwingende manier, kinderen en hopelijk ook hun ouders, bewust te maken dat afval moet worden opgeruimd. In de toekomst hopen we sponsors te vinden zodat we een lesprogramma kunnen ontwikkelen over afval. Dit willen we aanbieden aan scholen, samen met afvalbakken en de boekjes. Het blijft voor mij zoeken hoe je de mensen hier het beste kunt helpen. Ik wil ten alle tijde voorkomen dat ik als buitenstaander met mijn bestraffende vinger de mensen de les leer. Het leven is voor veel mensen hier zwaar, ik kan mij natuurlijk voorstellen dat het afval probleem hun laatste zorg is! Maar toch. Het boekje is een bescheiden poging om iets te doen en de toekomst zal leren of het goed wordt ontvangen en of het werkt.

Het gebrek aan initiatief bij de mensen vind ik moeilijk te begrijpen. Indonesië is een land met zoveel potentie. Dat kinderen niet naar school gaan en niet voldoende eten krijgen is onbegrijpelijk. Het heeft er waarschijnlijk mee te maken dat jarenlang, ook na de onafhankelijkheidsverklaring van Indonesië in 1949 toen Soekarno, en daarna Soeharto, de macht kregen, de mensen te horen gekregen wat ze wel en niet moesten doen. Dat ze, nu er ‘democratie' is tijd nodig hebben om te realiseren dat ze hun toekomst in eigen handen hebben is wel te begrijpen. Gelukkig heb ik veel bijzondere mensen ontmoet die proberen de impasse te doorbreken.

Zo werden we tijdens een avondwandeling door de Kampoeng nieuwsgierig gemaakt door enthousiaste kreten. Tot onze verrassing troffen we, nadat we geluiden hadden gevolgd, midden in de wijk een baan aan waar een goede partij badminton werd gespeeld. Al snel kwam wijkhoofd Pak Sutaryo ons welkom heten. Hij vertelde ons dat het stukje grond was vrijgekomen nadat er een huis was gesloopt en dat hij had geregeld dat het mocht worden gebruikt ten gunste van de wijk. Alle inwoners hebben geld gespaard om een betonnen baan met vier lampen te kunnen realiseren. Sindsdien wordt er elke avond gespeeld bij PB. MANDALA, de baan blijkt een enorme stimulans te zijn voor de wijk.

Ook ontmoette ik Broeder Martin, een Nederlandse broeder die in 1969 Desa Putera oprichtte, een drukkerij / grafische school in Jakarta. Het idee om kansarme jongeren op te leiden, gedeeltelijk binnen een bedrijf, bleek een succes. Waar hij 37 jaar geleden begon met 7 leerlingen studeren er inmiddels 320! De meeste jongeren vinden na het behalen van hun diploma werk. Veel van het drukwerk in deze uitgave is uitgevoerd door Desa Putera en daarmee kon ik dit bijzondere project ondersteunen. Broeder Martin is inmiddels met pensioen maar is nog nauw verbonden met Desa Putera. Momenteel probeert hij met behulp van sponsoring een kopieerwinkel op te richten in Flores.

Didi, van Planet Reclame heeft aan de kant van de weg een klein ‘huisje' getimmerd en fris geel geschilderd. Hij spuit kentekenborden en snijdt stempels. Toen ik hem de opdracht gaf voor het snijden van 200 PELAN - PELAN stempels raakte hij een beetje in paniek. Ik denk dat hij zo'n grote opdracht nog nooit eerder had gehad. Het was dan ook voor zowel Didi als voor mijzelf een spannende uitdaging met de tijd. Geregeld ben ik even bij hem gaan kijken en uiteindelijk had hij twee weken na de afgesproken deadline de stempels klaar. En wat waren we allebei gelukkig! Hij dat de grote klus geklaard was en met zijn inkomsten (een bedrag dat voor hem normaal gesproken misschien wel een jaarinkomen is), en ik met mijn doos met prachtige stempels!

Het stempelavontuur met Didi was één van de vele uitdagingen met de tijd. De eerste concrete ontmoeting met de tijd / PENGALAMAN PERTAMA TENTANG WAKTU was in Jogyakarta waar ik binnen twee dagen het voor elkaar heb gekregen een zeefdruk te laten maken van de Daun Singkong (casaveblad) op 200 kaarten van de stad! Alles volgens afspraak. Hoe rekbaar is de tijd eigenlijk in Indonesië? Wat betekent Jam Karet? ‘Mensen uit het westen hebben de klok en de Indonesiërs de tijd' zeggen de mensen hier. En eigenlijk verklaard deze zin alles. Jam Karet is geen luiheid maar het is een flexibele omgang met de tijd, afhankelijk van de situatie. Het kan frustrerend zijn en moeilijk te begrijpen maar tergelijkertijd voelt het als een verademing en is het fascinerend om te zien hoe men hier de tijd gevormd heeft naar de lokale omstandigheden en gewoonten.

Dat de tijd op veel plekken lijkt stil te staan in Indonesië is een gegeven. Tijdens een prachtige wandeling door de Desa in de omgeving van Bogor werden we uitgenodigd de tahu fabriek te bekijken; PABRIK TAHU DI BOGOR. Alsof we midden in een toneelstuk terecht kwamen! Alles leek geënsceneerd; zo mooi bewogen de jongens zich door de ruimte, zo prachtig het licht en zo sfeervol het geneurie tijdens de werkzaamheden. Bijna dagelijks begeef ik mij in dergelijke situaties. Uren heb ik in Ubud gekeken naar mensen die stenen verplaatsten van de ene kant naar de andere kant van een rijstveld. Langzaam lopend met de stenen op hun hoofd, op de kleine paadjes en in de brandende zon. Tijdens het wachten in de file heb ik gekeken naar mannen die uit het zwerfafval plastic verzamelden. Een mand vol levert misschien een paar centen op. In de rubber- plantage van Bandung zag ik de vrouwen en mannen met grote bakken op hun schouders langs de bomen lopen om het rubber, dat uit de boom langzaam in de kleine bakjes loopt, te verzamelen. Er werken 60 mensen die elke dag zo'n 350 bomen passeren vertelde de eigenaar. In totaal zijn dat ruim 20.000 bomen die per dag 2000 liter vloeibaar rubber opleveren. In de fabriek, midden op de plantage, wordt er 60 kilo rubber van gemaakt. Ik kon het niet nalaten, vanwege de titel van de uitgave, een stukje gerookt (voor de kleur) rubber toe te voegen aan het doosje.

Je blijft je hier verwonderen hoe het mogelijk is dat het traditionele leven zo direct naast het super moderne leven kan bestaan. Want het moderne leven is hier misschien nog wel uitbundiger dan in Nederland. Jakarta is vergeven van super-de-luxe auto's. Er zijn overal gigantische winkelcentra vol met dure merkspullen. Er zijn hier wijken met huizen in Hollywoodstijl, heel erg groot en luxe maar ook ontzettend lelijk trouwens. Bij CELEBRITY FITNESS betaal je astronomische bedragen (helemaal als je het vergelijkt met een standaard inkomen van de mensen hier) voor je strakke billen. Dure operaties in het buitenland voor neuscorrecties en een witte huid zijn bij de ABS een must. ABS (Asal Bapak Senang, als ‘de baas' maar te vreden is) zo worden de mensen genoemd die op een extreem uitbundige wijze leven en die het idee hebben dat ze belangrijker zijn dan andere mensen. Tijdens het wachten in een rij bij de tassencontrole op het vliegveld van Surabaya zag ik een vrouw wat geld stoppen in de handen van één van de beveiligingsbeamten en zonder pardon langs de rij lopen! Met geld is in Indonesië bijna alles te regelen en de gemiddelde Indonesiër ziet het met lede ogen aan, te beleefd of te bang om er iets van te zeggen.

De twee maanden Indonesië hebben mij erg aan het denken gezet. In Nederland kun je de televisie uitzetten of een tijd de krant niet lezen, maar het leven hier confronteert je dagelijks met de misstanden in de wereld. Deze confrontatie heeft mijn verblijf een extra dimensie gegeven en stond gelukkig het genieten van deze bijzondere tijd niet in de weg. Want wat zal ik Indonesië missen; de mooie mensen, de prachtige natuur, het heerlijke eten, de warmte, de geuren... En Jam Karet, de rubberen tijd. Ik zal een poging wagen deze mee te nemen naar Nederland. Ik kan het iedereen aanraden!

Met een zonnige groet uit Jakarta, Eva Blaak


Jam Karet was nooit tot stand gekomen zonder de hulp van mijn broer Roeland, mijn schoonzus Dhani en mijn neefje Lennard bij wie ik gedurende de twee maanden heb gewoond. Zij hebben mij fantastisch geholpen door mij wegwijs maken in deze grote stad met 16 miljoen (!) mensen, met contacten leggen en met mij te vertellen over het leven hier. En Dhani heeft mij in verschillende situaties geweldig goed geholpen als tolk. Heel erg bedankt! Verder wil ik alle mensen bedanken die mij hebben geholpen bij het realiseren van deze uitgave: Green Inspiration Jogyakarta, Broeder Martin, de medewerkers van Desa Putera, Didi van Planet Reclame, medewerkers van LeBoYe met in het bijzonder Hermawan Tanzil, War, Aan, Mini, Andre Bentlage, Jerry Veldhuizen en alle taxichauffeurs die mij veilig door de stad hebben gereden!